Johan Braeckman doceerde meerdere decennia wijsbegeerte aan de Universiteit Gent. Momenteel is hij schrijver en actief voor de humanistische denktank Kwintessens. Tot zijn meest recente publicaties behoren de boeken ‘Een zoektocht naar menselijkheid’ (met Dirk Verhofstadt, Houtekiet, 2021) en ‘Ezelsoren. Kanttekeningen bij moeilijke kwesties’ (Houtekiet, 2022).

Kritische zin

Kritische zin is in onze digitale samenleving voor ieder mens meer dan ooit aangewezen. Ook voor zorgvragers en zorgverstrekkers is het de sleutel tot goede beslissingen. Filosoof Johan Braeckman legt in een reeks korte besprekingen telkens één denkfout onder de loep.

De valse tegenstelling

Het leven is makkelijker voor wie enkel denkt in voor of tegen. Maar wie radicaal denkt, is meer vatbaar voor de denkfout van de valse tegenstelling. Het maakt immers blind voor alternatieven.

Lucius Flavius Arrianus werd in het jaar 89 geboren in het Romeinse Nicomedia, waar zich momenteel de Turkse stad Izmit bevindt. Hij overleed in Athene, wellicht ergens tussen de jaren 160 en 175. Arrianus schreef naast filosofische ook geschiedkundige werken, waarvan zijn boek over de veroveringstochten van Alexander De Grote het bekendste is. De Anabasis Alexandri, de veldtochten of expedities van Alexander, dateert van vijf eeuwen na de gebeurtenissen. Alexander werd geboren in 356 v.o.t. en stierf in 323. Een groot tijdsverschil tussen de gebeurtenissen en de schriftelijke weergave ervan voorspelt doorgaans niet veel goeds over de betrouwbaarheid van het verslag, maar Arrianus gebruikte bronnen uit de tijd van Alexander zelf. Helaas zijn die later verloren gegaan.

De Gordiaanse knoop

Hij bewondert Alexander, waardoor hij diens militaire successen extra in de verf zet en zijn mislukkingen minimaliseert. Toch gaat hij grotendeels te werk zoals een goed historicus behoort te doen: hij wikt en weegt de verschillende getuigenissen waarover hij beschikt, en baseert zich op de meest betrouwbare. Als hij twijfelt over wat er precies gebeurde, geeft hij dat ook aan. Een mooi voorbeeld is het beroemde verhaal over de Gordiaanse knoop. Alexander kwam aan in Gordion, de hoofdstad van het koninkrijk Frygië, gelegen op de Anatolische hoogvlakte. Hij wilde de wagen van Gordios zien, waarvan het juk met een onontwarbare knoop was vastgemaakt. “Wie het juk van de wagen kon losmaken”, schrijft Arrianus, was volgens het orakel “bestemd om over Azië te heersen”. Dat liet Alexander zich geen twee keer zeggen. “Begin en einde van de knoop waren niet te zien”, aldus Arrianus, en “Alexander wist niet hoe hij de knoop moest losmaken. (…) Daarom heeft hij, volgens sommigen, de knoop doorgehakt met een houw van zijn zwaard en verklaard dat hij los was.”

Maar Arrianus haalt ook een bron aan die aangaf dat Alexander de houten pin verwijderde die de knoop bij elkaar hield. Hij vervolgt: “Wat Alexander precies heeft gedaan met die knoop, kan ik niet met zekerheid zeggen, maar in ieder geval gingen hijzelf en zijn gevolg weg van de wagen in de overtuiging dat het orakel over het losmaken van de knoop in vervulling was gegaan.”

Bewust knopen doorhakken

Het siert Arrianus dat hij zijn onwetendheid toegeeft. Het mocht evenwel niet baten: de overlevering houdt er niet van om straffe verhalen minder spannend te maken, ongeacht wat uit de feiten blijkt. “Never let the truth interfere with a good story”, luidt een toepasselijke uitspraak toegeschreven aan Mark Twain. Alexander hakte met zijn zwaard de knoop door, klaar. Het is een mooi beeld, dat past bij de jonge geweldenaar uit Macedonië. Hij had ook uren aan het touw kunnen friemelen, wat toch iets minder boeiend klinkt. Bovendien sluit het goed aan bij onze neiging om de wereld eenvoudiger voor te stellen dan hij is.

Dat is begrijpelijk. Als we met alles moeten rekening houden, blijven we ter plaatse trappelen. Ook zonder dat we over alle informatie beschikken, nemen we beslissingen. Zoals Alexander zien we lang niet altijd het begin, noch het einde van een situatie. Dus hakken we knopen door, omdat onze tijd beperkt is en we genoodzaakt zijn om te handelen. Soms komt daar nog bovenop dat we een statement willen maken. Wellicht kon Alexander de knoop ontwarren op de conventionele manier, maar had hij er het geduld niet voor en misschien ontbrak het hem aan kennis. Daar bovenop was hij omringd door toeschouwers, die, de uitspraak van het orakel indachtig, met eigen ogen wilden zien of Alexander tegemoet kwam aan zijn reputatie.

“De waarheid ligt niet altijd in het midden.”

Gelukkig zijn we niet allemaal wereldveroveraars, toch schuilt in elk van ons een ongeduldige Alexander die vindt dat het vooruit moet gaan en daarom geen tijd vrijmaakt voor verdieping en nuance. We versmallen de wereld tot twee opties: zwart of wit, voor of tegen, links of rechts, vooruit of achteruit, goed of slecht, waar of vals, vriend of vijand. Zeker, soms bestaat er geen zone tussen wit en zwart, en is alles zo helder als maar kan. Voor of tegen kindermisbruik? Tegen, uiteraard. Daar hoeven we niet lang over na te denken, er valt niks te nuanceren. Hulp sturen naar een land dat door een aardbeving is getroffen? Doen natuurlijk, twijfel is ongepast. Er zijn honderden bewijzen voor de stelling van Pythagoras, we zijn behoorlijk zeker dat ze klopt. Ze zweeft niet ergens tussen waar of vals. De bewering daarentegen dat de aarde plat is, die kunnen we met een gerust geweten helemaal fout noemen. Er is niks dogmatisch aan dat standpunt, er bestaat immers overweldigend bewijsmateriaal voor. De waarheid ligt niet altijd in het midden.

 

Twijfelen …

Vaak zijn de antwoorden op problemen of dilemma’s waarvoor we ons geplaatst zien, heel wat minder duidelijk. Stel dat een kind aan een ongeneeslijke ziekte lijdt en binnenkort zal overlijden, licht je het daarover in? Hoe hak je zo’n knoop door? Het kan dat je een ethische positie hebt waardoor de oplossing voor de hand ligt. Wie weet ben je een aanhanger van de achttiende-eeuwse Duitse filosoof Immanuel Kant en vind je dat je nooit mag liegen. Als het ongeneeslijk zieke kind je vraagt wanneer het zal genezen, dan vertel je het de waarheid. Dat is hard, maar trouw zijn aan de waarheid is waardevoller dan de gevoelens van het kind. Als dat je mening is, dan heb je het probleem snel opgelost. Je kan ook Jeremy Bentham volgen, een Britse filosoof die een generatie jonger was dan Kant. Hij argumenteerde dat je beslissing moet afhangen van de gevolgen ervan. De waarheid vertellen, brengt wellicht bij het kind angst, verdriet en onrust teweeg. De waarheid verhullen of erover liegen zorgt voor een minder pijnlijk levenseinde van het kind. Ook vanuit die positie is de keuze snel gemaakt: je verbergt de waarheid voor het kind. Maar wat als je denkt dat voor beide standpunten wel iets te zeggen valt? Dan zweef je van de ene kant naar de andere, zonder dat je tot een beslissing komt. Je bent zoals de ezel van Buridan, die niet kon kiezen tussen twee gelijkwaardige hooioppers en ter plekke van de honger omkwam.

“Het leven is makkelijker

voor wie alleen maar denkt in voor of tegen.”

Een knoop doorhakken kan lastig zijn, of zelfs onmogelijk. Er duiken meerdere mentale valkuilen op wanneer we over ingewikkelde problemen nadenken. Vrijwel onvermijdelijk lopen we het risico dat we een ingewikkeld vraagstuk reduceren tot een vals dilemma. Je bent er dan ten onrechte van overtuigd dat er maar twee opties zijn: je vertelt de waarheid of je vertelt ze niet, ik ga naar links of ik ga naar rechts, het is wit of het is zwart. In realiteit zijn er doorgaans grijze zones, tussenwegen en glijdende schalen. De ezel van Buridan was niet in staat om voor een van beide hooioppers te kiezen, maar hij kon ook gras eten. Wie een slechte medische diagnose krijgt, is daarom nog niet dood. Soms zijn er inderdaad maar twee mogelijkheden, maar heel vaak zijn er meer.

Toch verkiezen we de denkfout van het vals dilemma boven onzekerheid en besluiteloosheid. Het leven is makkelijker voor wie alleen maar denkt in voor of tegen, wit of zwart. Wie anders redeneert dan jij, die heeft het hopeloos fout. Wie jou niet steunt, die gaat frontaal tegen je in. Best handig, zo’n binair mens- en wereldbeeld, maar het maakt redelijk overleg en voortschrijdend inzicht onmogelijk. Wie radicaal denkt, is meer vatbaar voor de drogreden van de valse tegenstelling. Een boycot moet totaal zijn, anders sta je honderd procent achter de slechterik. Zo nu en dan eens sporten telt niet: of je blijft in je luie zetel hangen, of je loopt een marathon. Wie slaagt maar geen grootste onderscheiding haalt, die is mislukt. Kortom: fanatiekelingen en dogmatici zijn blind voor alternatieven. Ze kennen tussenvormen noch variaties.

Nuance kost mentale energie.

De overtuiging dat er slechts twee opties zijn waarvan er maar een de juiste is, kent nog andere functies dan het vereenvoudigen van de werkelijkheid. We tonen er ook mee aan principieel te zijn, standvastig en besluitvol. Wie voluit voor één optie kiest en geen nuance toelaat, etaleert betrouwbaarheid. Dat maakt indruk op wie zekerheid boven twijfel verkiest. Grijstinten zijn cognitief lastiger dan zwart of wit. Nuance kost mentale energie. Een politicus die zijn partijstandpunten slechts voorwaardelijk steunt en aangeeft dat de meningen van zijn politieke concurrenten ook wel zinvol zijn, pleegt electorale zelfdoding. Alexander de Grote begreep dat goed. Ondanks de twijfel van Arrianus, lijkt het me zeer goed mogelijk dat Alexander zijn zwaard nam en in één houw de knoop doorhakte. Die simpele maar dramatische handeling bracht onmiskenbaar zijn boodschap over: hij en hij alleen was de rechtmatige heerser van Azië. De knoop was doorgehakt, de twijfel opgeheven. Perzië lag aan zijn voeten. Wie hem volgde noemde hij zijn vriend, wie zich vragen stelde was een vijand. 

Nog niet geabonneerd op onze nieuwsbrief?

De nieuwsbrief heeft geen vaste periodiciteit. Het enige criterium om hem te versturen is de relevantie van de informatie. We spammen niet! Al geabonneerd? Excuses voor deze herinnering.

Je hebt succesvol gesubscribed!